Waterlanders bij de Varsity

10 april 2018|Posted in: DUB.nl, Medium, Reportage

Vier familieleden bij de Oude Vier-finale van de Varsity. 50 procent kans dat een oom of nicht naakt moet zwemmen. Kortom: redacteur Annelies keek met samengeknepen billen naar de roeiwedstrijd.

“Je bent nog nooit naar de Varsity geweest?!”, reageert mijn oom verbaasd als we samen onderweg zijn naar Houten voor de studentenroeiwedstrijd. Hij is niet de enige die verbaasd is. Dat ben ik zelf eigenlijk ook. Toen ik tien jaar geleden lid was bij Triton gaf ik mijn roeiploeg tenslotte de naam Va’natiek. Mijn teamgenoten en ik waren allemaal (net) niet goed genoeg om wedstrijdroeiers te worden, maar vastbesloten toch fanatiek door te “peddelen”. Desondanks hebben we nooit langs de kant bij de Varsity gestaan. Alsof we minder gepassioneerd waren als we zelf niet mochten roeien.

Weer iets wat ik niet begrijp als Varsity-groentje
Wonderlijk, zo vindt mijn oom die oud-bestuurslid is van het Rotterdamse Skadi. Dus geeft hij mij nog snel een Varsity-spoedcursus. Te beginnen met een gevoelig puntje: de allereerste keer dat een niet-corporale vereniging de Varsity won. In 1980, tijdens de 97ste editie van de studentenroeiwedstrijd, kwam de Oude Vier van het Utrechtse Orca als eerste over de finish. Dat was niet het probleem, legt hij uit, maar het feit dat er geen feest volgde wel. Want een feest is onderdeel van de traditie. Hij herinnert zich nog de discussies die hij en andere bestuursleden destijds voerden. Mochten voortaan alleen corporale verenigingen meedoen aan het hoofdnummer van de Varsity om zo de feestjes te garanderen? Of moest een feestje verplicht zijn als je meedeed? Dan laatste werd de ongeschreven regel. Wie wint, zorgt voor een feestje. Dus ook Orca de vier keer dat ze daarna wonnen.

Terwijl we in de zon naar het Varsity-terrein wandelen, vraagt mijn oom zich af of de studenten van het Delftse Laga al “modder aan het maken zijn”. Weer iets wat ik als Varsity-groentje niet begrijp. Als ik hem verbaasd aankijk, begint hij te vertellen dat “Lagaaiers” vroeger altijd verantwoordelijk waren voor een moddergevecht op het terrein. En als er op een zonnige dag zoals vandaag geen modder was, dan maakten ze modder door een paar mensen in het water te gooien en vervolgens door het gras te rollen. Wij hoeven mijn nichtje die coach is bij Laga, niet uit een modderpoel te plukken. Toch klinkt een duik in het water haar op deze warme dag niet geheel onaantrekkelijk in de oren. Wat haar betreft kan de Oude Vier van de vereniging niet snel genoeg over de finish komen.

Het is niet toevallig dat mijn oom, nichtje en ik samen op de Varsity zijn en mijn vader aanhaakt. Het idee voor dit “familie-uitje” ontstond in oktober toen mijn oom op Skadi een boot mocht dopen. Niet zomaar een boot, maar een viertje met zijn naam en waar de Oude Vier ook nog eens de Varsity in zou roeien. Daarmee zou er dus een Waterlander aan de start liggen. De boot mocht dan wel de initialen “o.a.” van mijn oom dragen, maar dat mocht voor mijn nichtjes en mij de pret niet drukken. Dit was ook onze boot. De voorletters “o.a.” konden ook voor “ongelofelijk aantrekkelijk” Waterlander staan.

Alle drie “onze” verenigingen hebben zich geplaatst
“Heb jij eigenlijk de Varsity geroeid?”, vraag ik mijn vader die ooit wedstrijdroeier bij Skadi was. “Ja in een skiff, een viertje en een acht”, antwoordt hij, “maar vraag mij niet of ik heb gewonnen”. Een ander zou denken: waarschijnlijk niet, want dan wist je dat wel. Maar ik herinner mij nog dat hij mij ooit al zijn blikken (medailles) liet zien. Als klein meisje was het pepermuntblik met veertig blikken bijna een soort schatkistje. Als “lichte pik” heeft hij daarbij nooit het hoofdnummer van de Varsity geroeid en ik kan mij zo voorstellen dat de studentenroeiwedstrijd dan een stuk minder indrukwekkend is.

Deze keer vergeet ik in ieder geval niet meer. Als is het maar vanwege die ene vraag die zich telkens opnieuw aan mij opdringt: “Moet straks iemand van onze familie het water in en zie ik dan hun blote billen of zij die van mij?”. Alle drie “onze” studentenroeiverenigingen hebben zich namelijk geplaatst voor de finale. En naast het feest is er nog een traditie: dat de leden van de winnende vereniging de Oude Vier feliciteren. En daarmee wachten ze niet tot de ploeg aan de kant aanlegt, maar ze zwemmen alleen met de clubdas om hun nek naar de winnaar toe.

‘Uw reporter ging zelf ook het water in’
“Mijn vader doet dat wel hoor”, zegt mijn nichtje zonder twijfel. Toch lijkt het erop dat de kans groter is dat ik zal moeten zwemmen. Mijn oude club Triton plaatst zich met de snelste tijd voor de finale. Als mijn oom hoort dat ik twijfel of ik het water inga als de Triton-roeiers daadwerkelijk als eerste over de finish komen, lijkt hij wederom verbaasd over mijn totale onbenulligheid op Varsity-gebied. “Op het moment dat je als oud-studentenroeier naar de Varsity komt, dan heb je al besloten. Dan ga je het water in als je club wint.” “Maar ik heb een camera bij mij”, werp ik nog even tegen. “Die hou ik wel vast en dan maak ik een foto. Kun je erbij zetten: ‘Uw reporter ging zelf ook het water in’.”

Als de zeven Oude Viertjes om vijf uur aan de start liggen, voel ik dan ook de zenuwen in mijn buik. Ik gun mijn oude club na 51 jaar een Varsity-overwinning, maar de Waterlander-boot mag van mij ook als eerste over de finish komen. Voor mijn nichtje zijn er vandaag ook meerdere winnaars. Haar eigen vereniging Laga en Skadi in de boot van haar vader uiteraard, maar ze gunt het Triton ook wel. Een overwinning van de Utrechtse vereniging zou volgens haar gaver zijn dan van de Amsterdamse kanshebber Nereus. Die zijn met veel minder mensen aanwezig op de Varsity en hebben al zo vaak gewonnen, redeneert ze.

“Ik ben zenuwachtig”, zegt ze als ze haar telefoon pakt om te kijken welke tijden de ploegen een paar kilometer verderop neerzetten. Ze houdt iedereen op de hoogte totdat de roeiers dichterbij zijn en we ze zelf kunnen zien. Terwijl alle aanmoedigingen om ons heen samensmelten in één grote schreeuw, zie ik het rood van Nereus als eerste over de finish komen. En dan wordt duidelijk dat geen van ons vieren hoeft te zwemmen vandaag. Een beetje een anticlimax is het wel, maar er vloeien geen Waterlanders aan het einde van de Varsity.

Dit artikel is verschenen op DUB. Het digitale universiteitsblad van de Universiteit Utrecht.

Leave a Reply


You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

*