InclUUsion maakt van vluchtelingen studenten

28 februari 2017|Posted in: DUB.nl, Reportage

Bijna een jaar geleden ontstond het idee om vluchtelingen een plaats te bieden in de collegezalen van de UU. Dit blok volgen er bijna veertig immigranten met of zonder verblijfsvergunning colleges aan de universiteit. Hoe ervaren studenten en docenten dat?

“Echt?!” De verbazing van Floor van der Velde (23) en Maud Schuit (20) is van hun gezicht af te lezen als ze horen dat er aan hun college Social media in the public sphere drie studenten deelnemen die vluchteling zijn. Floor wist überhaupt niet dat er binnen de universiteit een project was waarbij immigranten met of zonder verblijfsvergunning de kans kregen deel te nemen aan het onderwijs. En hoewel Maud het project kende, wist ze niet zeker of er ook InclUUsion-studenten aan haar college deelnamen. “Tijdens het eerste college werden we in groepjes van twee opgesplitst en moesten we de ander voorstellen aan de groep. Ik was toen ingedeeld met een Syrische student”, vertelt de derdejaars student communicatiewetenschap, “maar door de diverse achtergronden van de studenten wist ik niet zeker of hij op uitwisseling was of niet.”

“Ik heb aan het begin van het vak niet apart genoemd dat er InclUUsion-studenten deelnamen aan het vak”, reageert docent Harmen Binnema, “ik wilde dat de studenten onderdeel waren van de groep en ze dus niet met zijn drieën apart zetten”. Iets wat goed lukt in een groep studenten met sowieso al een internationaal karakter. Zo goed zelfs dat Floor en Maud – die toch wel nieuwsgierig zijn geworden wie dan de drie studenten van InclUUSion zijn – niet verder komen dan één mogelijke naam. Dat Yves Nahimana (27) die recht tegenover hen zit ook tot het drietal behoort hadden ze niet gegokt.

Door de colleges blijven mijn hersenen werken

“Ik heb geluk dat ik via InclUUsion een paar cursussen aan de universiteit kan volgen”, vertelt Yves. Voor de 27-jarige die een klein jaar geleden vanuit Burundi naar Nederland vluchtte is de cursus over sociale media het derde vak wat hij volgt aan de UU. “Voordat ik aan de colleges begon verveelde ik mij enorm. Ik at, sliep en keek soms een film. Het leven in het AZC is moeilijk”, verzucht hij. “Door de colleges blijven mijn hersenen werken. Ik leer iets nieuws en ontwikkel mijzelf.”Ook gaat hij buiten de colleges om vaak nog naar andere activiteiten van de UU.

Dat is niet het enige, zegt hij. De nieuwe vrienden die hij in Utrecht heeft gemaakt, hebben zijn netwerk vergroot wat hem helpt bij zijn integratie. “Door InclUUsion heb ik een antwoord als mensen mij vragen wat ik in Nederland doe. Ik hou er namelijk niet van om dan te zeggen dat ik een vluchteling ben. Ik haat het woord vluchteling, omdat mensen denken dat vluchtelingen een bedreiging zijn. Terwijl niemand er voor heeft gekozen om vluchteling te worden. Nu kan ik zeggen dat ik een student ben. Ik ben geholpen door dat woord. Daarom ben ik enorm dankbaar voor dit project. Ik zou niet weten hoe ik daarvoor kan bedanken.”

Ze zijn er klaar mee om weggezet te worden als vluchteling

Het is iets wat de organisatie van InclUUsion, die gevormd wordt door Marij Swinkels, Hilke Grootelaar en Elena Valbusa, vaker hoort. “Dat is één van de belangrijkste redenen waarom dit soort projecten hard nodig zijn”, reageert Swinkels die samen met Grootelaar het initiatief voor het project nam waarvan de dagelijkse werkzaamheden inmiddels door Valbusa worden uitgevoerd. “De mensen die ik ken zijn er namelijk echt klaar mee om weggezet te worden als vluchteling. Maar als je geen alternatief hebt wat zeg je dan? InclUUsion geeft hen de mogelijkheid om even te ontsnappen aan het discours waar ze de hele tijd in zitten. Dat ze even niet hoeven te zeggen: “ja, ik kom daar vandaan. Ja, ik ben vluchteling. Ja, ik ben zielig”.” Dat beeld komt ook naar voren uit een recente enquête, vertelt Valbusa: “de InclUUsion-studenten geven het project een negen of tien. Niet lager. De toegevoegde waarde van het project in hun leven is echt enorm.”

“Dat betekent niet dat iedereen de vakken waar ze aan meedoen haalt”, vervolgt Swinkels. De oorzaken daarvoor zijn divers volgens het drietal. Zo valt voor sommige studenten het niveau tegen, hebben anderen geen sociaal vangnet (denk aan: kinderopvang) of is naar de universiteit te zwaar in combinatie met andere activiteiten. “Maar dat is ook helemaal niet erg”, benadrukt Swinkels. Zo moet je het succes van InclUUsion niet meten, vindt ook Valbusa. Swinkels: “je moet je echt afvragen wat er gebeurt met mensen als ze niets te doen hebben. Daar pluk je over twintig jaar echt niet de vruchten van. Ik denk dat InclUUsion een bijdrage kan leveren aan de integratie.”

Door InclUUsion-studentne komt er een beeld dat wij niet kennen de collegezaal binnen

Toch moet niet de indruk ontstaan dat alleen de InclUUsion-student profijt heeft van het project. “Het project betekent ook iets voor de docenten en studenten in de collegezaal”, aldus Swinkels. “Die leren er ook heel veel van.” Valbusa: “ik heb verschillende docenten gesproken die vertelden hoe waardevol de kijk van de InclUUsion-student was in de klas”. Iets wat Binnema beaamt als hij kijkt naar zijn vak over sociale media in de publieke ruimte. “Ik heb een groep met veel internationale studenten, maar ze zijn allemaal redelijk westers. Dus je krijgt dan de West-Europese blik tegenover de Oost-Europese of de Australische visie tegenover de Europese. In alle gevallen zal je dat dan een redelijk positieve kijk op sociale media en de digitalisering zijn.”

“De meeste mensen in de collegezaal hebben inderdaad dezelfde ervaring”, beamen Maud en Floor. “In sommige gevallen zijn dat ervaringen met een ander medium. Zo had een meisje uit Japan het over een soort Facebook waar je normaal nooit over hoort, maar het principe van liken en sharen is hetzelfde. De studenten met een andere achtergrond hebben soms geen toegang tot sociale media gehad of hebben zoals de student uit Syrië te maken gehad met censuur.” “Door de InclUUsion-studenten komt er dus een ander beeld, een beeld wat wij niet kennen, de collegezaal binnen”, voegt Binnema toe. “Op die manier komt het toch dichterbij dan dat je er een wetenschappelijk artikel over leest.” Iets wat Maud en Floor ook zo zeggen te ervaren: “je weet dat het bestaat, maar dan hoor je het echt. Zo leer je van elkaar.”

Albert Heijn is alleen voor rijke mensen

Een uitwisseling die zich niet beperkt tot wetenschappelijke situaties. Grootelaar: “net was er een InclUUsion-student die vertelde dat hij een baantje bij de Albert Heijn had gekregen. Toen zei ik dat ik daar vaak boodschappen doe, keken twee studenten mij aan en zeiden: “dus jij bent rijk, want Albert Heijn is alleen voor rijke mensen”. Dan denk je: oh ja, wacht even. Voor ons is de Albert Heijn zo vanzelfsprekend maar door hun word je geconfronteerd met het comfortabele leven wat we leiden. Dat zij ergens werken waar zij niet eens de boodschappen kunnen doen. En op die manier word je geprikkeld.” Swinkels voegt toe: “ik kan mij ook voorstellen dat het studenten extra studiemotivatie geeft als ze zien hoe gemotiveerd de InclUUsion-studenten zijn om te leren”.

Volgens het drietal van InclUUsion sluit die uitwisseling aan bij de ambities van de universiteit op het gebied van diversiteit. “Ik denk dat je daarmee mensen opleidt die verschillende perspectieven begrijpen”, vertelt Swinkels. “Als ik naar de bestuurskunde kijk, mijn eigen vakgebied, dan zien de studenten in de werkgroepen er grotendeels ‘hetzelfde’ uit. Maar ze gaan later wel werken als bijvoorbeeld beleidsmedewerker en moeten dan soep maken die te eten is voor allerlei groepen in de samenleving. Daarom is het goed daar ook tijdens je studie mee in aanraking te komen en te leren van mensen die anders denken of met andere oplossingen komen.”

We hopen dat de universiteit InclUUsion blijft omarmen

“We hebben veel complimenten van collega’s gekregen”, vertelt Grootelaar. Zo wordt er in Wageningen gewerkt aan een eigen variant van het concept en mocht het drietal afgelopen januari de Maatschappelijke Impact Prijs 2016 in ontvangst nemen. Het drietal zou echter graag nog zien dat het project een toekomst heeft op de lange termijn. Op dit moment is het nog onzeker of InclUUsion na dit collegejaar haar taken kan voortzetten. “De universiteit vindt het belangrijk wat we doen en de ervaringen van deelnemers en onze partnerorganisaties zijn positief”, aldus Valbusa in reactie op onder andere de prijs die zij van de faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie kregen, “dus we hopen dat we door kunnen gaan met het bieden van een perspectief aan studenten.” “Ja”, vult Swinkels aan, “dat zou ook mijn droom zijn. Dat de universiteit InclUUsion blijft omarmen, omdat het echt een verschil maakt in de levens van deze mensen. Elke dag opnieuw.”

Dit artikel is verschenen op DUB. Het digitale universiteitsblad van de Universiteit Utrecht.

1 Comment

  1. Ziad Abou Kanoun
    18 september 2017

    Ik wil graag beginnen studeren met mijn huidige niveau A2-B1 .

Leave a Reply


You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

*