Ruwe diamanten veroveren publiek tijdens open podium Parnassos

12 april 2016|Posted in: DUB.nl, Reportage

Het eerste Open Podium van Parnassos is in de ogen van de toeschouwers een succes. Kleine liedjes wisselden af met echte meezingers en eigen composities met ware klassiekers. En dat allemaal in een intieme sfeer.

Het is een kwartier voor aanvang van het eerste Open Podium van Parnassos. Singer-songwriter Lindsay de La Paz is net klaar met haar soundcheck in de bar van het culturele centrum, als Sophie Roos en Yael Folkertsma nog een laatste keer hun dwarsfluiten op elkaar afstemmen. Het duo dat elkaar kent van studentenvereniging ViaKunst gaat vervolgens op de bank naast het podium zitten en kijkt naar de klok. “Nog tien minuten”, klinkt het ietwat zenuwachtig, “dan moeten er nu dus mensen binnen gaan lopen”.

Spannend vindt ook organisator Maartje Kloeg het. Zij is degene die aan de wieg staat van het allereerste open podium van Parnassos. Het idee ontstond inmiddels bijna een jaar geleden. Maartje merkte op dat er in Utrecht diverse open podia waren, maar dat het ontbrak aan een variant gericht op studenten. “Dat terwijl er zoveel talent in studenten schuilt.”

Parnassos was dé plek om hier verandering in te brengen, aldus de programmacoördinator die zelf als studente gedichten voordroeg op open podia. Dus organiseerde Maartje twee open podia; de eerste was vrijdag 8 april, de volgende op vrijdag 27 mei. Als ze de gevoelige snaar raakt, wil ze na de zomer elke twee maanden studenten een podium voor hun talent bieden.

Voor de eerste editie van het open podium kreeg ze meteen vijftien aanmeldingen. Een deel daarvan kwam uit de eigen vijver; zo oefent pianiste Femke Hulsman dagelijks in het cultuurcentrum en volgde Francien Homan afgelopen zomer een cursus Compositie bij het instituut. Uiteindelijk werden zeven artiesten geselecteerd – criteria: student en enige ervaring – om tien, vijftien of twintig minuten op te treden.

Het resulteerde in een uiteenlopend programma met een jazzband van studenten van University College Utrecht tot Nederlandstalige gedichtliedjes van Kleine Mein en klassieke muziek op de dwarsfluit. “We wilden de eerste keer het programma heel divers houden”, legt Maartje uit. “Van kleinkunst tot cabaret, van jazz tot singer-songwriter en van pianomuziek tot Nederlandse liedjes en gedichtjes.”

“En dat is supervet”, aldus Pim Aerts (25) die het avondprogramma aan elkaar praat. “De eerste act is supervet en de laatste act is supervet, dus blijf vooral”, zegt de afgestudeerde docent biologie en lid van theatersportgroep Parnassos enthousiast tegen de zaal. Nadat hij met het publiek heeft geoefend om te applaudisseren, vult de bar van het cultuurcentrum – die beter omschreven kan worden als een huiskamer – zich met de klanken van ViaValdi. Pabo-student Yael Folkertsma zwiert mee met de klanken van haar eigen dwarsfluit-spel. Ze wordt op de piano begeleid door psychologie student Femke Hulsman (19). Voor Hulsman is het spelen in een bar nieuw terrein. De jonge pianiste die eerder meedeed aan het Prinses Christina Concours is gewend achter een vleugel in een concertzaal te zitten. Voor de gelegenheid heeft ze haar klassieke spel ingewisseld voor jazz. “Voor de gezelligheid”, zegt ze achteraf.

Terwijl haar vingers vliegensvlug over de toetsen van de piano heen en weer bewegen, kan het publiek bijna op de vingers van Femke kijken. Er is praktisch geen afstand tussen de artiesten die optreden en de ruim vijftig toeschouwers in de zaal. Artiest en toeschouwer lopen sowieso in elkaar over. Je zit naast “dat meisje dat straks country muziek ten gehore zal brengen”, staat aan de bar met “die jongen met die verrassend rauwe jazzstem” en kan “dat meisje dat piano speelt zoals Ludovici Einaudi” gewoon even aanspreken nadat ze klaar is met optreden. Lianne, zelf al lang geen student meer, kijkt tijdens de pauze naar de jongen met de verrassende stem. “Zou hij ook zo klinken als hij gewoon praat?”, vraagt ze zich hardop af. Het laagdrempelige karakter van de avond spreekt haar aan. “Het leuke aan studenten is dat ze bruisen”, vertelt de zestiger die speciaal vanuit Houten naar Utrecht is gekomen. “Professionals zijn al wat gelikter. Hier krijg je echt de ruwe diamanten te zien.”

Eén van die ruwe diamanten is pianiste Francien Homan (hier op de foto voor het Open Podium begint). Ze speelt twee nummers die ze zelf gecomponeerd heeft. Waar de zaal eventjes daarvoor nog zachtjes heeft meegedeind op Hit the road Jack, wordt de zaal muisstil als zij de toetsen van de piano aanraakt. Alle beweging in de zaal stopt en iedereen wordt door haar muziek gevangen in het moment. Aan het einde van de avond wordt ze beloond met de “dolfijn-dat-je-er-bij-was-opblaasdolfijn”. Een award voor de artiest die het luidste applaus van de zaal kreeg.

“Fantastisch”, reageert ze als ze als ze de grijze dolfijn (opgeblazen en wel) overhandigd krijgt. “Dit had ik nooit kunnen dromen.” Wijnand Smit, lid van het Utrechts Studenten Koor en Orkest, kwam eigenlijk voor de dichtliedjes van Kleine Mein maar kan wel leven met de winnares van de avond. Hij zegt het met een grote glimlach op zijn gezicht. Het feit dat Francien beide nummers zelf had gecomponeerd kon hij waarderen, voegt hij toe.

Na de prijsuitreiking stroomt de bar van Parnassos niet direct leeg zoals tijdens een gemiddeld concert. Nog zeker twee uur zitten er groepjes artiesten en bezoekers na te kletsen aan de tafeltjes totdat de bel voor de laatste ronde klinkt. Wijnand: “De bar van Parnassos is de leukste onontdekte kroeg van Utrecht. Het is zonde dat je hier eigenlijk alleen komt als er iets in Parnassos is.”

Dit artikel is verschenen op DUB; het onafhankelijke medium van de Universiteit van Utrecht.

Leave a Reply


You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

*